Oude glorie

Danny Pelizzon: ‘In de Hoeksche Waard gaat een andere wereld voor je open’

Bron: Rubriek Oude glorie van voetbal Rotterdam door Jan Schoonen

In het kader van de rubriek Oude Glorie praten we met Danny Pelizzon, die als voetballer vele jaren een neusje voor de goal had. We doorlopen met hem de clubs waarvoor hij heeft gevoetbald en hebben het ook over wat hij gedaan heeft in de voetballerij nadat hij zijn actieve loopbaan beëindigd had. Want Danny heeft het voetbal nooit vaarwel gezegd. Hij is drie jaar voorzitter geweest van NBSVV uit Nieuw-Beijerland en is bij die club al een aantal jaar de technische man. Maar onder het genot van een kop koffie gaan we eerst terug in de tijd.

Bij welke club is het allemaal begonnen?

Danny: ‘Bij Spijkenisse. Daar heb ik heel de jeugd doorlopen, van jongs af aan als linksbuiten. Terwijl ik stijf rechts was. Later, toen ik meestal als rechteraanvaller heb gevoetbald, heb ik daar trouwens veel voordeel uitgehaald. Vaak passeerde ik over links; voor een rechtsbuiten niet het eerste waar je aan denkt. Toen ik bij Spijkenisse A-speler was, mocht ik met de selectie meetrainen. Martin Klomp was trainer en een seizoen later was dat Wim Tijl. Het eerste elftal speelde toen in de hoofdklasse en dat was in die dagen het hoogste amateurniveau. Als tweedejaars A-speler  debuteerde ik uit bij Scheveningen, een paar minuten voor tijd mocht ik invallen. Ik heb later nog wel vaker in het eerste gevoetbald, maar speelde mijn wedstrijden voornamelijk toch in het tweede elftal. Dat speelde reserve hoofdklasse tegen allemaal ploegen uit het Westland. Leuke potjes waren dat.’

Vast in het eerste elftal bij Spijkenisse is niet gelukt?

Danny: ‘Nee, maar dat kwam omdat ik ging werken met daarnaast een studie in de avonduren. Er werd bij Spijkenisse drie keer in de week getraind en als ik op al die trainingen zou zijn, kwam ik echt knijp te zitten met mijn tijd. Die tijd had ik niet en daardoor kwam ik niet vast bij het eerste. Anders was het echt wel gelukt, daar ben ik vast van overtuigd. Later, toen ik bij PFC voetbalde, heeft trainer Wim Tijl nog wel eens gevraagd of ik niet terug naar Spijkenisse wilde komen.’

Je bent toen vertrokken bij Spijkenisse. Waarom?

Danny: ‘Ik wilde graag in een eerste elftal voetballen. Daar zat ik al een tijdje over te denken en op een avond werd ik gebeld door iemand van PFC. Elftalleider Harry Bank was dat, de technische dingen deed hij er bij. ‘Ik zou je heel graag bij PFC willen hebben, kan ik daarover met je praten’, vroeg hij. Ik antwoordde dat praten altijd kon. Een uur later stond hij voor de deur. Dat was wel lachen. We waren er snel uit. Ik maakte de overstap naar PFC, samen met Jeremy Snijders, een ploegmaat van me in het tweede bij Spijkenisse.’

Daar zal wel geld aan te pas gekomen zijn.

Danny: ‘Ik kreeg inderdaad een vergoeding bij PFC, maar dat was niets vergeleken met wat daar in latere jaren betaald werd, toen Jaap van der Bom sponsor van de club was en er veel jongens uit de verre omtrek aangetrokken werden. Toen ik bij PFC kwam was dat allemaal nog niet. De ploeg speelde op zondag in de derde klasse en bestond bijna allemaal uit jongens uit de buurt. Benito Kenswil kwam uit Hoogvliet en Lucas van de Belt, een geniale voetballer, uit Rotterdam. Die woonden het verst van de club. Ik heb er drie jaar met veel plezier gevoetbald, als rechtsbuiten. Elk jaar haalden we een periodetitel, maar in de nacompetitie werden we telkens uitgeschakeld.’

Hekelingen was je volgende club.

Danny: ‘Die ploeg speelde hoger dan PFC, want ze waren naar de tweede klasse gepromoveerd en de aanbieding die ze mij deden, daar kon ik geen nee tegen zeggen. En wat ook niet onbelangrijk was: John Corver, de trainer die ik het laatste jaar bij PFC had meegemaakt en die mij altijd heel veel vertrouwen had geschonken, zou ook naar Hekelingen gaan. John was een geweldig goede trainer en onder hem ben ik als voetballer helemaal opgebloeid. In de twee jaar daarvoor, toen John Bänffer trainer was, speelde ik ook vaak. Alleen in het begin niet, want het was best wel wennen hoor, bij PFC. In de derde klasse werd er een ander soort voetbal gespeeld dan wat ik gewend was. Het was knokken, de strijd aangaan en aan voetballen kwam je niet zoveel. Daar heb ik echt aan moeten wennen. Onder John Corver speelde ik wel alles, als beweeglijke aanvaller met veel loopvermogen vanaf rechts om de meer statische Martin Monster heen. Zo waren wij op ons gevaarlijkst. Mooie tijd gehad onder John Corver. Hij stond altijd klaar voor ons. Zo heb ik heel vaak met nog een paar andere jongens samen met hem op zaterdagochtend afwerkoefeningen op de goal gedaan op het trainingsveld bij PFC. Geweldig vond ik dat. Samen met hem ging ik naar Hekelingen. Jammer genoeg was hij na nog geen twee maanden alweer weg bij Hekelingen, nadat het tussen hem en andere mensen op de club spaak was gelopen. Ik ben er vier jaar gebleven.’

Hekelingen had een prima ploeg toen.

Danny: ‘Er waren toen veel behoorlijk goede spelers die al wat ervaring hadden, jongens als Martijn Hamerslag, Robert Mestrop, Clyde Chan Jon Chu, Raymon Leijgraafff, Jan Cohen, Cesar Lopes, Alberto Andrade Dias, Martin Monster, die een jaar voor mij van PFC naar Hekelingen gegaan was en nog meer toppers. Toch waren we niet goed genoeg om tweedeklasser te blijven, maar het jaar daarna draaiden we een buitengewoon goed seizoen. We deden in de competitie heel lang om de prijzen mee, we haalden de finale van de Rijnmond Cup en als derdeklasser haalden we de finaledag van de districtsbeker. We schakelden Heerjansdam, Vitesse Delft en Neptunes uit. Dat waren geen misselijke ploegen en zo speelden we op de finaledag op het veld van Rijnsburgse Boys tegen grote clubs als Excelsior Maassluis, SHO, VUC, Westlandia, RVVH en Capelle. We draaiden echt een heel goed seizoen, het beste jaar van mijn carrière. Maar we wonnen niks, haha. In de competitie werden we vijfde, de finale van de Rijmond Cup verloren we en op de finaledag van de districtsbeker konden we ook geen potten breken. Maar toch zal dat jaar me altijd bijblijven en dat geldt ook voor het ‘trainingskamp’ dat we maakten naar Malaga.’

Na vier jaar ben je teruggegaan naar PFC. Hoe kwam dat?

Danny: ‘Rob Vuik, met wie ik in de eerdere periode bij PFC samen had gevoetbald, was trainer geworden en wilde me er graag bij hebben. Hij had een scorende speler nodig, zo zei hij. Ook Jeroen van der Horst, mijn ploeggenoot bij Hekelingen was bij PFC in beeld. Maar ook bij WRW uit Brielle. Daar ben ik ook wezen praten. Jeroen koos voor WRW, ik voor PFC, vooral om de sfeer die ik er eerder meegemaakt had. Als ik voor het geld had moeten kiezen, had ik voor WRW moeten gaan voetballen, maar bij PFC had ik al eens gespeeld en dat was me goed bevallen. Het verhaal dat Rob vertelde was ook oké. Hij had als spits Antonio Mendes Garcia en ik zou daar omheen moeten gaan voetballen.’

En? Hoe ging het bij PFC?

Danny: ‘In de voorbereiding scoorde ik ongelooflijk veel. Tegen Simonshaven drie keer, tegen Rockanje ook driemaal en links en rechts nog een paar doelpunten. Maar de eerste competitiewedstrijd zat ik op de bank. Daar snapte ik niks van. In de tweede wedstrijd mocht ik wel starten, maar als linkshalf. Op die positie had ik nog nooit gevoetbald. Uitleg heb ik in het begin niet gevraagd, later wel. Rob vertelde toen dat hij voor één spits had gekozen en dat was Garcia Mendes. In de winterstop heb ik aangegeven dat ik de club zou verlaten. Niet veel later meldde Hekelingen zich.’

Het werd dus weer Hekelingen.

Danny: ‘Inderdaad en alweer zou ik er vier seizoenen blijven. Er stond een totaal ander elftal dan in mijn eerste periode. Heel veel jonge spelers, bijna allemaal afkomstig uit de eigen jeugd, zoals Patrick Monteiro en Fabrizio Fortes Varela. Alle oudere spelers waren vertrokken. Het eerste jaar dat ik terug was degradeerden we naar de vierde klasse en het jaar daarop werden we vierde. Het derde seizoen was geweldig. Ik stond samen met een heel jonge Joey Kleijn in de spits, met Stefan Roobol als aangever daarachter. Joey  scoorde 28 doelpunten, ik maakte er 36. Kampioen werden we niet, dat werd DRL, maar als nummer 2 promoveerden we toen toch. Het was een geweldig jaar. Richard Koutstaal was trainer toen.’

Je bleef nog een jaar en vertrok toen naar NBSVV. Hoe kwam dat?

Danny: ‘’Toen het bij ons een keer afgelast was, ging ik bij OVV kijken, waar mijn maat Jeroen van der Horst toen speelde. Hans de Heer stond naast me en die vroeg of ik geen zin had om bij NBSVV te komen voetballen. Daar was hij trainer, zei hij. NBSVV? Ik had nog nooit van die club gehoord, haha. Ze bleken in de tweede klasse te voetballen en omdat het bij Hekelingen erg onrustig was in die tijd en we op het veld ook matig presteerden, ben ik het gesprek aangegaan met NBSVV. Toen Jeroen van der Horst mij vertelde dat hij naar NBSVV ging, ben ik ook gegaan. Hans de Heer had me verteld dat ik in de Hoeksche Waard in een andere wereld terecht zou komen en dat was niet gelogen. Er ging echt een andere wereld voor me open. Het ging er gemoedelijker aan toe, het was relaxed en altijd heel gezellig op de club. Ik heb er hele fijne tijden beleefd, in mijn eerste jaar scoorde ik 26 doelpunten. Na mijn carrière ben ik blijven hangen. Toen ik voetballer was deed ik er wel eens dingen naast, bij Hekelingen deed ik dat al. Daar hielp ik mee met internationale toernooien, ik trainde er een jeugdelftalletje en ik heb de website gemaakt. Bij NBSVV ben ik drie jaar voorzitter geweest en nu ben ik al een aantal jaartjes de technische man van de club. Ik vind het leuk iets voor de club te doen, want NBSVV is een heerlijke club.’

Dus je blijft daar de rest van je leven?

Danny: ‘Dat weet ik nog niet. Feit is wel dat ik het er heel goed naar mijn zin heb, maar om je heen kijken kan nooit kwaad, toch?

One thought on “Oude glorie

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.